Op basaal niveau bewegen we als mens vanuit lust en onlust. We bewegen ons toe naar de zaken die ons plezier beleven (lust), en gaan bij voorkeur weg van die dingen waar we ongerief bij ervaren (onlust).

Dat houdt ons in een wereld die bestaat uit tegenstellingen goed in beweging. De wereld is immers opgebouwd uit tegendelen: lust – onlust, dag – nacht, vreugde – verdriet, liefde – haat, geluk – ongeluk… en we zijn continu bezig ons weg te bewegen van het ene uiterste en/of ons toe te bewegen naar het andere.

De valkuil hierin is dat we de ene kant goedkeuren en de andere afkeuren. We gaan voor succes maar verafschuwen falen. We gaan voor een liefdevolle relatie en veroordelen onszelf (en/of de ander) als we ruzie hebben…

Maar als er veel van het een is, is er onherroepelijk veel van het ander. Iedere medaille heeft twee kanten. Als er veel is van de ene kant is er automatisch ook veel van de andere kant en als er één kant is, is er in feite niets…

Dit wordt mooi verwoord in onderstaand artikeltje over surfen. Een sport die in mijn ervaring bij uitstek voor ultieme euforie, maar ook ultieme frustratie kan leiden:

“Om direct maar even een misverstand de wereld uit te helpen: surfen is helemaal niet zo leuk. Surfen is afzien, pijn lijden, liters zeewater inslikken, omver geslagen worden door golven, je eigen plank tegen je hoofd aan krijgen, met al je kracht door de branding proberen te komen om vervolgens weer meters teruggeworpen te worden door de stroming, je voeten openhalen aan rotsen die je niet kunt zien, een koud en nat wetsuit aantrekken in de ochtend, bibberend een zanderige handdoek om je heen slaan als je het water uit komt.

 Surfen kortom, is pure frustratie. En het hoogtepunt van je dag bestaat uit het genot van de warme stroom urine over je lichaam als je in je eigen wetsuit plast.

 Althans, zo zijn je allereerste paar dagen op een surfplank. Daarna wordt alles anders. Zo zout als het zeewater dat al je poriën binnendringt, zo zoet is het gevoel als je je allereerste golf surft zonder van je plank af te donderen. De woeste oceaan – eens je gezworen vijand – duwt je nu voort, als je even opkijkt vanaf je plank zie je het strand, de kliffen en daarboven de woeste duinen. Een zachte zeewind aait je gezicht, de zon kust je natte haren en je hoort hoe je surfplank door het water zoeft. En je juicht. Je juicht als een klein kind. “

Bron: Julien Althuisius – De perfecte golf (Volkskrant.nl)

Voor het ervaren van lust, is het ervaren van onlust onvermijdelijk. Is er veel liefde? Dan heb je vroeg of laat ook de rouw te nemen. Wil je leren opstaan? Dan moet je eerst (durven) vallen en om goed om te leren gaan met stevige feedback zul je allereerst bereid moeten zijn stevige feedback te ontvangen, en: ‘Zonder angst geen moed’.


Op zich niets nieuws natuurlijk maar wat kun je hier nou mee?
Bovenstaand artikel vormde een onderdeel van een verhaal over polariteiten dat Thijs de Vries en Jan Nouwens tijdens onze opleiding Professional Coaching & Leiderschap verzorgden. Na de introductie met het verhaal kreeg iedereen de opdracht voor zichzelf twee treffende polariteiten in een LEGO-model te bouwen.

Daadwerkelijk beseffen dat het ene niet zonder het andere kan bestaan werkt enorm krachtig. Hiernaast het model dat ik bouwde: de frustratie van een ‘onaf’ geheel (een constructie met maar een enkele deur zonder functie) geeft mij juist de drive om er vol tegenaan te gaan en nieuwe vruchtbare dingen te laten ontstaan (de boom).

 

Het helpt om ontvankelijker naar beide kanten van het spectrum te kijken en voorbij het goed en fout te denken. ‘Ik heb mijn frustratie nodig voor mijn drive om te creëren.’, dus welkom frustratie, ik heb je nodig om succesvol te zijn (hoe lastig dat in de praktijk nog vaak moge zijn).

Ook helpt het om de juiste focus voor je energie te kiezen. Het moge duidelijk zijn dat de ultieme status van ‘lust’ onbereikbaar is, we zijn nu eenmaal niet in het paradijs geboren. Realistischer is het te proberen om vrede te vinden in de beweging tussen beide tegendelen.

Wil je concreet aan de slag? Daag jezelf dan uit om daadwerkelijk beide kanten van de medaille te onderzoeken én te waarderen:

  • Heb je een lastige baas of collega? Waarin is hij/zij je tot voordeel? Wat kun je hiervan leren?
  • Heb je een pittige jeugd gehad en was de relatie met je vader niet al te best? Wat heeft het je gegeven? Welke kwaliteiten heb je hierdoor ontwikkeld die je nu tot je voordeel kunt inzetten?
  • Of omgekeerd. Heb je juist een ideale jeugd gehad, zonder ruzie, tegenslagen of hindernissen? Wat zijn daar de nadelen van geweest? Wat had je graag meer willen leren dat je nu op latere leeftijd nog te leren hebt?

Tony Robbins illustreert bovenstaande treffend in de Netflix documentaire ‘I am not your Guru’. ‘Als je iemand veroordeelt, veroordeel hem dan in ieder geval over beide kanten van de medaille. De negatieve, én de positieve!’

Bekijk hier de trailer: