Laatst smeet mijn zoontje Bo (3 jaar) voor de zoveelste keer zijn jasje achteloos op de grond. ‘Of ik hem even kon ophangen’. Vervolgens was hij onvermurwbaar: die jas ging hij niet ophangen…

Dit gedrag paste totaal niet in mijn ideaalplaatje voor kloppend gedrag. We geven Bo namelijk enorm veel vrijheid, dus mag hij hier wel even meewerken. We waren bovendien de hele middag gaan doen wat hij wilde, en ik had hem al vaker gezegd dat ik wilde dat hij zijn jas ophing.

Ik merkte dat ik op dit ‘jasje thema’ steeds strenger ging acteren naar Bo. De gebruikelijke stijlen van vriendelijk doen, overleggen, er een spelletje van maken, er niets van zeggen zodat hij het toch zelf doet etc. werkten namelijk niet meer en dan grijp ik toch terug naar een bekend grondpatroon van mij: boosheid en grenzen stellen.

Met verheven stem zei ik: ‘NU je jasje opruimen Bo!’ En, wat denk je? Alsnog geen effect. Dit ging de verkeerde kant op. Hij ging lekker door met wat hij aan het doen was. Nog bozer werd ik. ‘Ik ben hier de baas toch?’ dacht ik nog.

Totdat ik besloot het geheel niet door mijn ideaalplaatje, maar door Bo’s plaatje te bekijken. ‘Laat hem maar even met het jasje’ zei mijn vrouw Eline namelijk, heel liefdevol en op zo’n manier dat ik besloot te onderzoeken wat ze precies kon bedoelen…

Mijn boosheid smolt als sneeuw voor de zon, en sindsdien hang ik met liefde iedere keer Bo zijn jasje op. Bo heeft namelijk 3 maanden geleden een zusje gekregen, Linne. En Linne wordt door papa en mama bij alles tot in de puntjes verzorgd. Wassen, aankleden, kleertjes opruimen…allemaal dingen waarbij we van Bo al veel meer zelfstandigheid verwachten…

Als ik echt afstem op Bo, voel ik dat hij ook gewoon graag even verzorgd en geholpen wilt worden. Dit doen wij voor zijn zusje immers ook continu, en hij krijgt al zoveel minder aandacht de laatste dagen. Bovendien helpt hij ons omgekeerd ook voortdurend: met koken, met de was doen, met in de tuin werken, met Linne flesje geven…welke moeite is het vanuit dit beeld om even zijn jasje op te hangen?

Deze anekdote illustreert voor mij heel duidelijk dit basisprincipe van communicatie. Eerst begrijpen, dan begrepen willen worden. Dat ik hierin de eerste stap zet – namelijk dat ik de ander eerst volledig probeer te begrijpen voordat ik wil dat de ander mij begrijpt – is hierin cruciaal. Anders verwacht ik van de ander een stap die ik zelf (nog) niet genomen heb.

Irving Yalom beschrijft in zijn boek ‘Therapie als geschenk’ ook een mooi voorbeeld van dit principe:

Empathie – uit het raam van de patiënt naar buiten kijken –

Tientallen jaren geleden had ik een patiënte met borstkanker, die gedurende haar hele puberteit in een lange verbitterde strijd met haar humeurige vader was gewikkeld. Ze snakte naar een vorm van verzoening, naar een nieuw fris begin van hun relatie, en toen haar vader haar weg zou brengen naar de universiteit, besloot ze de gelegenheid dat ze met zijn tweeën alleen waren, aan te grijpen om dat begin gestalte te geven. Maar de langverwachte reis werd een regelrechte ramp: haar vader verloochende zijn aard niet en mopperde uitvoerig op het lelijke, met afval vervuilde beekje langs de weg. Zij zag echter helemaal geen afval in de landelijke, schone beek. Ze wist niet hoe ze op zijn gemopper moest reageren en viel helemaal stil; de rest van de tocht brachten ze in zwijgzaamheid door.

Later reed ze dezelfde weg een keer in haar eentje en tot haar verbijstering bleken er twéé beekjes te zijn: één aan iedere kant van de weg. ‘Deze keer zat ík achter het stuur’, vertelde ze bedroefd, ‘en de beek die ik door het raampje aan mijn kant van de weg zag, was precies zo lelijk en vervuild als mijn vader had gezegd.’ Tegen de tijd dat ze had geleerd door het raam van haar vader te kijken, was het te laat: haar vader was inmiddels overleden.

Door daadwerkelijk door het raam van de ander naar buiten te kijken maak je de stap van ego naar verbinding. Je verruimt je blik van het Ego (IK – met mijn waarheid, mijn mening en mijn standpunt) naar het samen (Verbinding – kan ik zien, voelen en ervaren wat jouw waarheid is?)

Je maakt daarmee een beweging vanuit liefde in plaats vanuit angst. Een beperkende beweging maakt hiermee plaats voor een verruimende beweging (lees ook: liefde is je angst omarmen).

Oftewel, de trots en wrok vanuit het EGO van de volwassene, maakt ruimte voor de vergevende en vrije geest van het kind. Zoals de beeldhouwer Alexander Milov treffend verbeeld in zijn beeld ‘Love’ hierboven.

Ben je ook benieuwd hoe jouw EGO je gedrag en keuze’s beïnvloed? Volg een training, workshop of opleiding bij Coachcenter!